woensdag 20 augustus 2008

Vrienden perikelen

maandagavond 18 augustus
Speelstraat.
Jorik loopt door de straat waarin hij al een tijdje aan het spelen is. Seppe en een andere jongen - iets ouder - achter hem aan hollend. Het ziet er heel speels en plezant uit. Maar plots zie ik dat Jorik eigenlijk bang is. De jongens zijn alweer weg en hij vertelt me dat het niét leuk was. Ik zeg dat ik geloof dat de jongens dachten dat het een spel was.
"Ik vond het écht niet leuk."
" Dan zeg je hen dat maar gewoon, dat je het toch niet leuk vond en dat spel liever niet meer speelt."
Dat doet hij met als gevolg dat ze weer achter hem aan hollen. Paniek! Ik ga er mee naartoe, om hen duidelijk te maken dat het dus niet meer de bedoeling is om dat te doen en dat Jorik er bang van is. Ze doen nog wat stoer, maar menen het wel goed. Jorik zegt dat hij donderdag terug is en dat hij dan weer in de straat komt spelen.

Even later in de auto.
"Hoe word je eigenlijk vrienden?"
"Hoe ben je vriend geworden met Kasper van je klas?"
"Dat weet ik niet."
"En met Jana?"
"Omdat ik ze leuk vind."
"Welja, zo gaat dat he.. je vindt iemand leuk en de andere vindt je ook leuk, en dan worden jullie vrienden. En dan lach je samen, en je speelt en je praat."
"Eén gek dingetje.."
"Ja?"
"Ik ga altijd naar het huis van Jana bellen, maar zij komt nooit aan onze deur."

Hmmm.

"Wie zijn jouw vrienden?"
"Ingrid, Leen, Ingrid,"
"Stop! Je mag niet teveel vrienden hebben!"
"Waarom niet??"
"Anders is ons land vol vrienden en dan is er geen plaats genoeg en moeten we naar een ander land! En als in de andere landen ook teveel vrienden zijn, dan moeten we weer naar een ander land. En zo tot als iedereen dood is."

Geen opmerkingen: